Met overal aanwezige streaming had de cd in de vergetelheid kunnen raken. Toch weten wie een fysieke collectie bezit dat een zorgvuldige loopwerkconstructie alles verandert. De CDT-10 vormt de bekroning van NuPrime’s werk rond cd-weergave: hij bouwt voort op de verworvenheden van de CDT-8 Pro en neemt tegelijk de behuizing en voeding van de 10-serie over. Het resultaat: een compacte transport die het beste uit het 16‑bit/44,1 kHz‑formaat haalt.
Een stil loopwerk, een stijve behuizing
De filosofie van de CDT-10 rust op een eenvoudig principe: de afspeelkwaliteit van een cd hangt evenveel af van de mechanische stabiliteit als van de digitale elektronica. NuPrime ontwierp een chassis met buisvormige structuur, voorzien van verticale en longitudinale verstevigingen die trillingen gelijkmatig verdelen. Het leesmechanisme wordt geklemd tussen aluminiumplaten, waardoor de mechanica nog verder geïsoleerd wordt van de rest van het apparaat.
Het loopwerk draait met een constante snelheid, ongeacht de positie op de schijf. Deze aanpak, minder gebruikelijk dan men zou denken, vermindert trillingen door toerentalwisselingen en verbetert de nauwkeurigheid van de sampling. De lade, dun maar soepel in gebruik, accepteert geperste cd’s, cd-r’s en cd-rw’s.
Digitale verwerking en foutcorrectie
De decodering is gebaseerd op een ARM LPC2103F‑chip die het lezen, schrijven en de foutcorrectie beheert volgens de Red Book‑specificaties. De Philips SAA7824HL‑laserkop, een beproefd onderdeel in de audio-industrie, zorgt voor een nauwkeurige uitlezing van de sporen. Een eigen algoritme vermindert digitale interferentie om de jitter bijzonder laag te houden.
De masterclock stuurt het volledige decodersysteem aan en synchroniseert elke stap van de verwerking. Deze gecentraliseerde aanpak beperkt tijdsverschuivingen die de kwaliteit van het digitale signaal kunnen aantasten nog vóór het de externe converter bereikt.
Selecteerbaar oversampling: PCM of DSD
De samplefrequentieomzetter (SRC) is een van de onderscheidende functies van de CDT-10. Het audiosignaal wordt, na uitlezing, eerst naar een zeer hoge frequentie (in de MHz‑range) opgezet, en vervolgens teruggebracht naar de door de gebruiker gekozen samplingfrequentie. Deze dubbele conversie is bedoeld om kwantisatieruis en vervorming te verminderen.
De beschikbare frequenties variëren naargelang de gebruikte uitgang. De coaxiale, HDMI I2S‑ en AES/EBU‑uitgangen halen tot 768 kHz in PCM of DSD256 (DoP). De optische uitgang, beperkt door de bandbreedte van het Toslink‑protocol, gaat tot 192 kHz of DSD64. Deze functie is volledig optioneel: door de SRC via de afstandsbediening uit te schakelen, blijft het originele 44,1 kHz‑signaal behouden. Sommige gebruikers geven zelfs de voorkeur aan weergave zonder oversampling, die als natuurlijker wordt ervaren, terwijl anderen de grotere dichtheid en precisie in het hoog waarderen.
Vier uitgangen om zich aan elk systeem aan te passen
Het achterpaneel biedt een volledig scala aan digitale aansluitingen. De coaxiale RCA‑uitgang heeft een eigen isolatietransformator om aardlussen en elektrische ruis te elimineren. De optische Toslink‑uitgang is geschikt voor installaties waar galvanische scheiding prioriteit heeft, zij het met de eerder genoemde bandbreedtebeperking.
De AES/EBU‑uitgang op XLR‑connector voldoet aan de eisen van professionele omgevingen of high-end systemen met deze interface. De HDMI I2S‑uitgang transporteert kloksignaal en audiodata afzonderlijk, wat de jitter vermindert ten opzichte van klassieke S/PDIF‑protocollen. Deze uitgang werkt met NuPrime‑converters (Evolution DAC, DAC-9SE, Alita) en is compatibel met enkele modellen van PS Audio. Compatibiliteit met andere merken die het I2S‑formaat over HDMI gebruiken, is echter niet gegarandeerd, omdat elke fabrikant de pin‑toewijzing anders kan definiëren.
Gefilterde en afgeschermde voeding
De voedingssectie profiteert van de expertise die is opgedaan met de Evolution DAC. Een R‑type ringkerntransformator, ingekapseld in een metalen afscherming, voedt de volledige elektronica. Dit type transformator genereert minder elektromagnetische straling dan standaardmodellen. Een geïntegreerd netfilter dempt hoogfrequente storingen uit het lichtnet.
De voedingseenheid is fysiek gescheiden van het transportgedeelte en de digitale elektronica. Deze isolatie, gecombineerd met de meegeleverde antivibratievoeten, draagt bij aan een stille werking. Het stroomverbruik in stand‑by blijft beperkt, en de voeding accepteert spanningen van 100 tot 240 V zonder manuele omschakeling.
In de praktijk: integratie en configuratie
De CDT-10 wordt aangesloten op elke externe converter met een digitale ingang. In een volledig NuPrime‑systeem benut de I2S‑verbinding via HDMI de oversamplingcapaciteiten optimaal. Met een DAC van een ander merk zorgen de coaxiale of AES/EBU‑uitgangen voor universele compatibiliteit en uitstekende prestaties.
De configuratie van de SRC vraagt om wat experimenteren. Veelvouden van 44,1 kHz (88,2 kHz, 176,4 kHz, 352,8 kHz) behouden een harmonische relatie met het bronsignaal en worden doorgaans verkozen voor cd‑weergave. Frequenties in veelvouden van 48 kHz zijn eerder geschikt voor videobronnen of professionele opnamen. De DSD‑modus (DoP) is alleen zinvol als de ontvangende DAC dit formaat ondersteunt en de gebruiker de specifieke klankkarakteristiek weet te waarderen.